Waarom verandert je stem?
Als je jong bent dan ben je nog klein en zijn ook je stembanden nog kort en dun. En daarom hebben kinderen ook vaak een wat hogere stem. Maar als je begint te groeien, dan groeien ook je stembanden. Het geluid verandert en bij jongens gebeurt er nog iets bijzonders rond hun puberteit. Zij krijgen namelijk de baard in de keel. Tijdens de puberteit bij jongens wordt er testosteron aangemaakt. Daardoor krijgen ze baardgroei, maar verandert ook de vorm en de klank van de stem. De stembanden worden gespierder, dikker en kunnen wel twee keer zo lang worden. Uiteindelijk kan de stem wel een octaaf lager worden. Daan, hoe klinkt dat eigenlijk, een octaaf lager? Dat klinkt zo. Oh oh ja, dat is wel echt een groot verschil ja. En die klank van je stem wordt dus bepaald door je stembanden, je keel, je strottenhoofd en je mondholte. Dus je klankruimte bepaalt samen met je stembanden hoe jij klinkt. Maar om woorden te produceren heb je ook nog andere dingen nodig, zoals je lippen, je tanden en je tong. Want als je zingt of als je praat, dan beweegt hier ook een heleboel. Ja, inderdaad. En iedereen heeft dus een unieke set in zijn klankruimte. Iedereen heeft andere lippen, tanden, een ander strottenhoofd, andere stembanden, waardoor jij precies klinkt zoals jij klinkt. En dat is heel uniek. Ja precies. Dus zo klinkt niemand hetzelfde, want niemand is hetzelfde gebouwd. Exact. Aha. Maar je kunt jouw eigen unieke instrument ook nog eens een keer op een andere manier leren bespelen. Zo kun jij bijvoorbeeld een operaliedje zingen, maar ook een popliedje zingen. Dus je kunt spelen met je stem. Jazeker. Oke, wat gaan we doen? Bij zangles kun je verschillende oefeningen doen om controle te krijgen over je stem. Dan kun je bepaalde geluiden die je wil produceren controle over krijgen. Oke, dus je gaat dat echt een beetje trainen als een soort sportschool? Oke. Stel je voor dat je bijvoorbeeld hogere geluiden wil leren maken. Dan moet je stem eigenlijk flexibeler worden, als een soort van yoga. Dan moet je leren stretchen. Dat doe je zo. Je trilt gewoon met je lippen? Exact. Heel hoog. Dan heb je heel erg gestretcht. Oh lekker! Aan de andere kant wil je misschien luider leren zingen. Dan moet je soort van krachtige oefeningen doen als een soort van bodybuilder. Oke. Dat doe je zo. Nice, heel goed, maar dat klinkt nog niet echt als zingen. Nee, dat snap ik. We willen ook melodie een mooie melodie zingen, dus dat gaan we ook even doen. Zing maar na als een soort van operazangeres. Goed gedaan! En nu klinkt het als zingen. Exact. Ja, maar het is nog niet echt een liedje. Nee, dat klopt. Dan komt er vaak ook een bepaalde verhaalvertelling bij kijken. Een bepaalde emotie. Stel je voor ik zing: En we gaan nog niet naar huis. Nog lange niet, nog lange niet. Dat klinkt alsof ik heel verdrietig ben. Heel. Of ik ben heel blij dat we niet naar huis gaan. En we gaan nog niet naar huis. Nog lange niet, nog lange niet. Oh wat grappig, want daar kun je ook nog mee spelen. Heel veel zelfs. Een soort van verdrietige operazangeres. Ja, heel klein verdrietig uiltje ben ik.