Uilen bij de vogelopvang
Hey Hetty, goedemorgen! Jij bent de beheerder hier en jullie vangen dus verschillende soorten vogels op en andere wilde dieren en dus ook uilen. Krijg je die nou vaak binnen? Ja, we krijgen best vaak uilen binnen. Heel veel soorten. Ransuilen, kerkuilen, velduil, steenuilen en zelfs oehoes. Dat zijn die grote! Die zijn echt heel groot. Maar weet je? Kom maar kijken. Ja, graag! Als uilen bij de vogelopvang worden binnengebracht, dan blijven ze hier meestal tussen de twee en vier weken en soms zelfs langer. Hetty, wat doen jullie allemaal om ze weer beter te maken? Nou, we gaan ze om te beginnen helemaal checken. Kijk, hier zie je een beschadiging aan de vleugel. Ja, deze uil heeft vastgezeten in draad. Het heeft om zijn vleugeltje gezeten, maar het is niet stuk. Dus hij heeft geluk, dus hij kan weer herstellen. Ja, en als het nodig is krijgen ze iets tegen de pijn wilgenbast. Natuurlijke pijnbestrijding zeg maar. Absoluut. Oke. En wat is dan het grootste probleem vaak? Nou, deze vogels, de uilen, halen hun vocht uit hun prooien en als zij dus niet eten, drinken ze ook niet. En ze verzwakken dus dubbel zo hard omdat ze geen vocht opnemen. Juist. Dus wij moeten ze hier eerst vocht toedienen. Vocht geven doen we met een slangetje. Ja, die doen we via zijn bekje naast zijn maag. En doet dit pijn? Dit doet geen pijn. Dit is de kleine vliegkooi. Ach kijk dan. Hallo schatje. Hier gaan de uilen naar toe als ze binnen tot rust zijn gekomen en dan mogen ze hier weer de vleugels strekken. Hier kunnen ze dus we zeg maar oefenen met vliegen. Ja nou en dan gaat het nog niet zo goed. Dus hier staat een trap, want het zijn natuurlijk takkelingen. En takkelingen, zo noem je de iets oudere jongen? Ja, ja, en die willen graag klimmen en doen ze met snavel, poten en de vleugels te flapperen. En zo klimmen ze omhoog. Nou en als de uilen dan weer wat beter kunnen vliegen, dan gaan ze van een kleine vliegkooi naar de grote vliegkooi. Ben benieuwd. Oh wow, kijk zo’n mooie! Ik zie hier allemaal verschillende soorten door elkaar, ook of niet, daar is een kerkuil en dan gaat er een vliegen. Een bosuil is dat. Ransuiltjes zie ik daar ook zitten. Heb je goed gezien. In deze vliegkooi moeten ze weer hun vliegspieren goed oefenen. Ze moeten minimaal vijf rondjes kunnen vliegen. We willen dat ze elegant landen en het allerbelangrijkste is nog: ze moeten geruisloos vliegen. Je wil ze niet horen? Ik wil ze niet horen. Kijk, dit is de velduil. Wat een knapperd. Hallo! Ja kijk en hier kan je heel goed zien aan die kleine haakjes, haartjes waarom een uil geruisloos kan vliegen. Daar gaat de lucht doorheen en dat zorgt dus op een of andere manier dat ze geruisloos kunnen vliegen en hun prooi ze niet kan horen. Precies, daarom zijn ze zulke goede jagers natuurlijk. Daarom zijn het zulke goede jagers. Jeetje, dus dit is hem he die oehoe, die leeft dus gewoon ook in de Nederlandse natuur. Ja, ja, echt een enorme joekel he. Kijk, daar gaat ie. Wow. Zo, je moet wel een beetje bukken voor hem, hij is nog niet zo heel handig. Vandaar dat hij ook hier zit. Wat is er met hem gebeurd? Deze oehoe heeft in het prikkeldraad vastgezeten en nu is het afwachten. Hij moet oefeningen doen, vliegen. Ja, nou dat ging nog niet zo heel handig, dat is duidelijk. Dus heeft nog even tijd nodig. Ja precies. En wat hier op de grond ligt, kan ik dit pakken? Is een braakbal toch? Ja klopt. Ja, dit is echt typisch iets voor uilen. Absoluut. Ja. Een uil heeft een spiermaag en daarin als ie een muis opeet of wat dan ook maar komt in de spiermaag, het verteert maar niet alles. De haartjes en de botjes, die kan hij niet kwijt en dat wordt een braakbal. Wat heeft hij gegeten, de oehoe? Nou. Eens kijken of er botjes inzitten. Ja, kijk. Oh ja, deze uil heeft kuiken gegeten. En Hetty, uilen staan echt al sinds de oude Grieken bekend om hoe slim en wijs ze zijn. Klopt dat ook? Nou, ik betwijfel het. Ja, dan ken ik wel slimmere vogels. Ja, echt? Zoals? Bijvoorbeeld de kraai. Als landen en vliegen weer helemaal goed gaat, dan krijgen ze altijd een ringetje om hun poot. Zo zijn ze goed herkenbaar en kunnen ze gevolgd worden. En ze worden ook altijd nog even gewogen zodat ze goed kunnen zien of ze een beetje lekker op gewicht zijn. 183,1. En deze kerkuil mogen we dadelijk vrijlaten. Absoluut. Ja, ja, die gaat de vrijheid weer tegemoet. Die is er helemaal klaar voor. Is dit een goede plek zo? Ja, ik vind hem prima. Oke. Toe maar vriend, ga maar, goed zo. Kijk dan, daar gaat ie. Mooi de boom in. Ja, prachtig. Dag vriend, heb een mooi leven.