Hoe werkt een voedselkringloop?
Even kijken. Loepje. Schepje mee. Verrekijker om. Schepnet mee. Zo, ik ben er klaar voor, want ik ga de natuur in. De natuur kan namelijk iets heel bijzonders. Alle planten en dieren in een bepaald gebied, dan moet je denken aan een bos of een duin of zoals hier een moerasgebied, die zijn samen onderdeel van een zogenaamde voedselkringloop en een voedselkringloop werkt zo. Planten worden gegeten door dieren. Dieren worden op hun beurt weer gegeten door andere dieren en dode planten en dieren vormen dan weer voedsel voor diertjes en schimmels die in de bodem leven. En dat is dan uiteindelijk weer voedsel voor planten. En zo is de cirkel rond. Al dat voedsel wordt steeds weer opnieuw gebruikt en dus is er in de natuur helemaal geen afval. Dat wil ik onderzoeken. Hoe werkt een voedselkringloop precies? He Janouk, kom je naar boven? Zeker! Oh wow, wat is het hier prachtig! Mooi uitzicht he? Heel mooi. He, hoe zit dat nou met die voedselkringloop? Nou, dat kan ik je hier laten zien. Het gebied de Oostvaardersplassen en het bestaat eigenlijk uit een droog gedeelte met het bos en de droge graslanden. Daar leven heel veel vogelsoorten, maar ook de grote grazers lopen daar. En dan een nat gedeelte, dus de natte graslanden en het moeras met heel veel open water, met rietvelden en met waterplanten. En er leven heel veel kikkers en vogels, zoals natuurlijk de zeearend en de grauwe gans. En die zijn allemaal onderdeel van verschillende voedselkringlopen. En al die planten en dieren hebben dus ook weer een eigen rol binnen die voedselkringlopen. Oke. Maar om je dat goed te laten zien moeten we het moeras in. En we’re off. Ja! Wow! We varen dus nu door een enorm moerasgebied. Best wel spannend. Ja, en dankzij het water barst het hier van het leven. Ja, dat kan ik wel zien. Kikkers, libellen zie je vliegen. Heel veel insecten. En dat trekt natuurlijk weer heel veel vogels aan. De vogels. Die broeden hier graag in het riet maar die kunnen hier ook heel veel voedsel vangen. Langs de waterkant zie je dan de zilverreiger kikkers vangen, visjes uit het water vissen en allemaal zijn ze dus onderdeel van die voedselkringloop. Maar hoe beginnen die dan? Je begint bij de producenten en dat zijn de planten en de bomen. En die kunnen iets heel bijzonders. Ze kunnen in hun bladeren, water en voedingsstoffen uit de bodem en koolstofdioxide, dat is een gas uit de lucht met behulp van licht, dus bijvoorbeeld van de zon omzetten in zuurstof en suikers. Dus dat is zuurstof en suikers. En die suikers, die gebruikt de planten om te groeien en te bloeien. Ja, en daar kunnen ze ook zaden van maken en vruchten en dat is natuurlijk weer voedsel voor andere dieren. Ja precies. En de plant zelf is natuurlijk ook weer voedsel. Wauw! Dit is een mooi bakkie vol superhelder water ook. Allerlei diertjes zitten erin en met deze waterplanten en allerlei andere planten begint dus die voedselkringloop. Ja en met de algen, dat zijn eigenlijk ook hele kleine plantjes in het water en die worden weer gegeten door de larven van insecten of door kikkervisjes. En dat is dan weer voedsel voor wat grotere dieren zoals kleine visjes. Maar ook hier, zo zie je die, die watersalamander. Ja! Mooi he. Die is vet. En dat trekt dan natuurlijk weer grotere dieren aan zoals kikkers en grotere vissen zoals de karper en de brasem. Ja klopt en die worden natuurlijk weer opgegeten door de vogels die hier in het riet broeden, zoals de roerdomp en de zilverreiger. En al die dieren. Dat zijn dan de consumenten. Oke, dus de consumenten zijn de tweede grote groep in de voedselkringloop na de producenten. Het zijn de dieren, dus zowel de dieren die planten eten als de dieren die dieren eten. Of allebei. Toch? Dat klopt en ze zijn ook weer van elkaar afhankelijk en hebben dus allemaal een eigen rol in de voedselkringloop. Bijvoorbeeld de grauwe gans, die komt hier in het moeras om te ruien. Dan wisselt hij dus zijn veren, kan hij niet vliegen. Nee. En dan eet hij dus het riet en dat poept ie binnen een a twee uur weer uit in het water. En dat is dan weer voedsel voor algen. En de grauwe gans is heel belangrijk, want die zorgt er dus weer voor dat er meer algen komen en dan is er weer meer voedsel voor andere dieren. Precies! Eigenlijk toch weer superslim geregeld van die natuur.